Pensioen nieuws

Het Bestuur Pensioenfonds ING besloot op 17 april 2026 over te gaan naar het nieuwe pensioenstelsel; positief over advies VO, spreidingstermijn 10 jaar

pexels-shvetsa-5067775

Het Bestuur Pensioenfonds ING besloot op 17 april 2026 over te gaan naar het nieuwe pensioenstelsel; positief over advies VO, spreidingstermijn 10 jaar

Het Verantwoordingsorgaan (VO) van Pensioenfonds ING (PFI) adviseerde positief over het voorgenomen besluit van het Bestuur van het Fonds om over te gaan naar het nieuwe pensioenstelsel. Daarbij is de verwachting dat alle deelnemers er ten opzichte van het huidige pensioenstelsel op vooruitgaan. Ook het advies van het VO om te kiezen voor een spreidingstermijn van 10 jaar neemt het Bestuur over. PFI werkt aan een overgang per 1 juli 2027.

Het besluit per 1 juli 2027 over te gaan naar het nieuwe pensioenstelsel is een grote stap voor het Fonds en alle deelnemers. In het traject speelde het VO een belangrijke rol. Het VO is sinds 2022 betrokken bij dit traject. Er zijn veel gesprekken en kennissessies geweest met het Bestuur en deskundigen van het Fonds. Het VO heeft ook eigen adviseurs geraadpleegd en veel documenten bestudeerd, waaronder het implementatieplan, de transitieplannen van ING en NN en het beleggingsbeleid. Het VO hanteerde in het advies een aantal voorwaarden:

  1. Eerlijke verdeling van het vermogen
    Bij de overgang naar de nieuwe pensioenregeling wordt het beschikbare vermogen op evenwichtige wijze verdeeld. Het is daarbij niet de bedoeling dat er in de toekomst, bij een eventuele beëindiging van het Fonds, nog een aanzienlijk vermogen overblijft.
  2. Voordeel voor alle deelnemers
    De overgang naar de nieuwe regeling mag voor geen enkele groep nadelig uitpakken. Alle deelnemers, gewezen deelnemers, pensioengerechtigden en andere aanspraakgerechtigden gaan erop vooruit.
  3. Iedereen gaat er zoveel mogelijk met hetzelfde percentage op vooruit
    Voor zover dat niet zo is, heeft het VO zorgvuldig gekeken naar de evenwichtige afweging van de betrokken belangen door het Bestuur. 
  4. Beperking van verlagingen
    In de nieuwe pensioenregeling wordt gestreefd naar een beperkte kans en omvang van toekomstige verlagingen van pensioenen.

Onder de streep gaat iedereen erop vooruit.

Wat is de rol van de Pensioencommissie VO-NN en wat staat er verder te gebeuren bij Pensioenfonds ING. En wanneer merken leden dat?

Om invloed te kunnen uitoefenen op de afspraken die sociale partners maken over de overstap naar het nieuwe stelsel heeft de Pensioencommissie VO-NN al in oktober 2023 een aantal visiedocumenten gestuurd naar sociale partners. Deze documenten, die door de ledenraden van VO-ING en VO-NN zijn geaccordeerd, kun je hieronder nalezen.

Daarna heeft de Pensioencommissie in het eerste halfjaar van 2024 een aantal malen met de sociale partners bij ING en ook bij NN gesproken. In die gesprekken zijn deze visiedocumenten besproken en hebben sociale partners informeel hun denkrichtingen aangegeven. Ook hebben sociale partners en de Pensioenfondsen, gevraagd en ongevraagd, informatie aan de Pensioencommissie verstrekt, waaronder concepten van documenten en presentaties van mogelijke besluiten en effecten daarvan, nog voordat duidelijk was wat zij daarover zouden besluiten.

Het bood de Pensioencommissie de mogelijkheid om in een vroeg stadium input te leveren op hun voorlopige plannen en de effecten van sommige beslissingen, uiteraard steeds vanuit het advies per fonds zoals weergegeven in de visiedocumenten.

De Pensioencommissie VO-NN is in haar laatste vergadering van 2025 bijgepraat over de stand van zaken in het project. Daaruit kwam onder andere naar voren dat PFI streeft om per 1-7-2027 in te varen.

Hoe staat NN CDC Pensioenfonds ervoor? De Pensioencommissie VO-NN meldt hierover het volgende

Bij het NN CDC Pensioenfonds (NCP) is sprake van een vrijwel geruisloze overgang naar kring H bij het Algemeen Pensioenfonds (APF) “De Nationale” per 1 januari 2026. Alle deelnemers waren vorig jaar hierover geïnformeerd en de paar leden van de Pensioencommissie die hier ook pensioen hebben waren goed te spreken over de communicatie. Op zich is het ook niet verrassend, want het APF heeft niets in de pensioenregeling gewijzigd en de administratie van het APF is ook bij AZL ondergebracht. AZL heeft al jarenlange ervaring met collectieve waardeoverdrachten (CWO). Het moeilijkere deel komt bij het invaren van kring NN-CDC. Dit APF vaart vier kringen in per 1-1-2027, dan NN-CDC per 1-7-2027 en dan nog drie kringen per 1-1-2028. AZL heeft zoals eerdergenoemd al meer ervaring met invaren.

Wil je meer informatie over dit onderwerp? Neem dan een kijkje op de websites van Pensioenfonds ING, of de Nationale APF

DNB keurt invaren PFI goed

DNB heeft het implementatieplan voor het invaren van Pensioenfonds ING goedgekeurd. Daarmee is een belangrijke stap gezet richting de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel, die gepland staat voor 1 juli 2027.

In april heeft het bestuur van Pensioenfonds ING het definitieve invaarbesluit genomen. Het bestuur heeft DNB hierover geïnformeerd en het implementatieplan ingediend. Dit plan is ook beschikbaar op de website van het fonds.

Onze zienswijze: waarom we geen bezwaar hebben ingediend
Als belanghebbenden hadden VO-ING en VO-NN een zienswijze (een onderbouwde mening) bij DNB kunnen indienen. Vanuit onze commissie hebben we de besturen van VO-ING en VO-NN geadviseerd om hiervan geen gebruik te maken. Beide besturen hebben dit advies overgenomen. Deze beslissing hebben we deze zomer ook aan het bestuur van Pensioenfonds ING meegedeeld.

We zijn positief over de gekozen aanpak en de uitwerking van het implementatieplan. Daarvoor zijn verschillende redenen:

  • Het invaren zelf. Door de pensioenen in te varen, worden grote fiscale problemen bij Pensioenfonds ING en daarmee ook voor ons als deelnemers voorkomen. Dit belang hebben we al in het voorjaar van 2023 benadrukt. We zijn blij dat hierover bij alle betrokken partijen overeenstemming bestaat.
  • De spreidingstermijn van tien jaar. Het gebruik van deze termijn, die wij ook aan de sociale partners hebben meegegeven, is inmiddels volledig overgenomen.
  • Een voorziening voor ongehuwden. Hiervoor wordt 0,1% van het vermogen ingezet.
  • Geen maximum van 3% meer voor jaarlijkse verhogingen. De bestaande begrenzing vervalt.
  • Een reële aanvulling bij onverwacht hoge inflatie. Vanuit de solidariteitsreserve kan een aanvulling tot 8% worden verstrekt.

Twee belangrijke verbeteringen voor de toekomst

Vooral de laatste twee punten verdienen extra aandacht, omdat ze nog relatief weinig zijn besproken.

In de afgelopen jaren zijn de pensioenen meerdere keren met 3% verhoogd, terwijl de inflatie hoger lag. Door het vervallen van het maximum van 3% verdwijnt deze begrenzing voor de toekomst.

In beginsel wordt het behaalde beleggingsresultaat over een periode van drie jaar verdeeld. Maar wat gebeurt er als de inflatie onverwacht hoog is en het beleggingsresultaat onvoldoende is om de koopkracht op peil te houden? In dat geval kan vanuit de solidariteitsreserve een reële aanvulling tot 8% worden verstrekt.

Dat is een belangrijk voordeel van de relatief hoge solidariteitsreserve: deze biedt ruimte om deelnemers ook bij onverwacht hoge inflatie extra bescherming te bieden.

De volgende stap

Nu DNB het implementatieplan heeft goedgekeurd, kan de voorbereiding op het invaren volgens planning verdergaan, met 1 juli 2027 als beoogde overgangsdatum.

Bij de volgende stap in dit proces laten we opnieuw van ons horen.

Peter de Bruijne, namens de pensioencommissie